Afgelopen week gaf ik een training in de ouderenzorg over omgaan met onbegrepen gedrag. Tijdens het laatste dagdeel was ik – zoals altijd – samen met mijn collega, die als trainingsacteur meespeelde.
De eerste casus ging over mevrouw X: een vrouw met een enorme drang om naar buiten te gaan. Naar huis! Want waar ze nu woont, dat is natuurlijk niet haar huis…
Het team probeert haar elke dag met alle goede intenties gerust te stellen, af te leiden, mee te bewegen. Toch blijft ze boos en onrustig.
Wanneer mijn collega in haar rol kruipt, herkent het team haar meteen: “Ja, precies zo is ze!” Ze rammelt aan de deur, vol spanning. En wat gebeurt er? Iedereen blijft zitten. “Als ze zo is, laten we haar maar,” zegt iemand.
En dan stel ik de vraag:
Wie geeft haar nu richting? En mag dat eigenlijk wel, bij een vrouw van 90?
Het levert een mooi gesprek op. Richting geven voelt soms respectloos, zeggen de deelnemers. Maar juist vanuit de juiste intentie kan het steun en houvast bieden. Niet omdat jij het gedrag zat bent, maar omdat de ander even jouw rust en duidelijkheid nodig heeft. Liefdevol richting geven.
Mijn collega vatte het prachtig samen vanuit haar rol:
“Laat me van betekenis zijn. Ik wil er nog toe doen.”
Een waardevol moment met een team dat echt durfde te reflecteren. Daar komen we graag nog eens terug.
Jan 2026